F-35 programma sluit het jaar af
Het F-35 programma behoort nog steeds bij de grootste ter wereld, maar het sluit 2010 af op dezelfde manier als hoe het dit jaar begon: ietwat onzeker. We zetten voor u de belangrijkste ontwikkelingen en nieuwsfeiten op een rijtje.
Lockheed-Martin probeert op dit moment het programma weer op schema en binnen het gevraagde budget (dat al verschillende keren overschreden werd) te krijgen. De Britse overstap van de F-35B naar de F-35C zou de prijs van die eerste nog meer de hoogte in kunnen jagen - Lockheed-Martin en de partners maken immers evenveel kosten voor de ontwikkeling en het testen ervan, maar verkopen dan weer minder toestellen van dit type. Alleen het US Marine Corps en de Italiaanse marine hebben nog belangstelling voor het type. Daar tegenover staat dan weer dat de lijst met bestellingen voor de F-35C er een stukje langer op wordt, namelijk 138 toestellen. De F-35A zal ook in Israël gebruikt worden. Alhoewel Israël al een twintigtal toestellen wou kopen, zou het uiteindelijke aantal een stuk groter kunnen worden. Israël heeft wel een groot aantal F-15s en F-16s die vrij recent zijn, maar ook een aantal veel oudere zoals de eenzits F-15A ‘Baz’. Bij de Amerikaanse luchtmacht (USAF) en de Air National Guard (ANG) zijn deze al uit dienst genomen.
© Lockheed-Martin
De laatste twaalf maanden zijn nochtans niet eens zo slecht geweest voor het JSF-programma - de eerste verticale landing van de F-35B, een bijkomende bestelling van de Canadese luchtmacht voor minstens F-35As en de testtoestellen zouden hun doelstellingen moeten halen. Voorlopig staat het orderboek op een dikke 3100 toestellen. De F-35 is met andere woorden erg belangrijk voor het bedrijf, de internationale partners en, niet te vergeten, de toekomstige gebruikers. De F-35 moet namelijk een groot aantal verouderde toestellen vervangen - de A-10, de Harrier, de F-16 en de oude modellen van de F/A-18 (-A, -B, -C en -D).
Er waren echter wel wat problemen. Deze gebeurden met name tijdens de tests van de meest gecompliceerde variant van de F-35 - de STOVL versie, de F-35B. Deze tests moesten tijdelijk stopgezet worden nadat men ontdekte dat de scharnieren van onderdelen van het Rolls-Royce LiftSystem onverwachte slijtage vertoonden. In de herfst van 2011 zou de F-35B z’n verticale landingen op een klein vliegdekschip moeten beginnen, volgens Jon Beesley, de hoofdtestpiloot van het programma. Beesley, de man die met de eerste F-35 de lucht in ging, gaat op 1 februari officieel met pensioen.
En alhoewel naar verluidt 85 % van de noodzakelijke softwarecode geschreven is, zou het laatste gedeelte het moeilijkste zijn. Dit stukje gaat over ‘data fusion’. Dit zou bepalen hoe de F-35 informatie van eigen en andere bronnen (bijvoorbeeld z’n eigen boordsystemen, een AWACS-toestel, andere F-35s in de buurt) zal kunnen gebruiken of delen met andere toestellen, zoals een F/A-18E/F Super Hornet.
© Rolls-Royce
Ook was er tijdens december een uitgebreide review over de F-35 binnen de Amerikaanse regering. De resultaten zouden er volgens Lockheed-Martin "binnenkort" openbaar moeten worden gemaakt, maar op het moment van publicatie was deze informatie nog niet beschikbaar.
Op Edwards in Californië en Patuxent River in Maryland zijn er ondertussen meer en meer F-35s bijgekomen. Acht van de twaalf toestellen die voor de tests gebruikt worden zijn er momenteel afgeleverd. Halverwege vorige maand was er ook een lichtpuntje voor Lockheed-Martin: de 500ste vlucht sinds december 2006, toen het toestel voor het eerst naar buiten trad.
Tom Burbage van Lockheed-Martin: “We hebben wel degelijk een aantal uitdagingen, maar ze zijn niet niet van zo’n grote aard als we bij andere programma’s al zagen.”
De productie van de F-35 komt ook op gang: begin deze maand leverde de Amerikaanse vliegtuigfabrikant twee toestellen af van de LRIP-1 (Low-Rate Initial Production) fase. Negen andere zijn bijna klaar en twee andere F-35s volgen de eerste negen van de LRIP-2 fase van het programma. De snelheid waaraan deze toestellen geassembleerd worden zal binnen de zes jaar gevoelig verhoogd zijn: 20 à 22 toestellen per maand. De F-16 wordt momenteel aan een tempo van 22 à 24 toestellen per maand gemaakt.
© Lockheed-Martin
Australië zou ergens volgend jaar de eerste F-35s (100 F-35As) bestellen en tegen halverwege 2012 zouden alle internationale partners behalve Denemarken hun eerste F-35s officieel besteld moeten hebben. De Deense regering kondigde onlangs aan dat het de beslissing over een F-16-vervanger met twee jaar zou uitstellen en dat het mogelijk geen 48 maar slechts 30 toestellen zou kunnen aankopen. In Canada blijft de aankoop van de F-35A controversieel. De oppositie vindt het opmerkelijk dat er geen andere, concurrerende toestellen waren. Opvallend is ook het feit dat de huidige Canadese jager (de McDonnell-Douglas/Boeing F/A-18, de Canadese aanduiding is CF-188) tweemotorig moesten zijn, terwijl de F-35A slechts een enkele F135 of F136 zal hebben.
Volgens Lockheed-Martin zouden ook België, Finland, Griekenland, Japan, Singapore op de korte tot middellange termijn wel eens F-35 gebruikers kunnen worden.
Het aantal testvluchten dat volgend jaar zal gebeuren is nog niet openbaar gemaakt, maar er wordt wel bevestigd dat in de tweede helft van volgend jaar de eerste F-35 met een General Electric/Rolls-Royce F-136 zal vliegen. De F-136 is de andere mogelijke motor van de F-35 en lag eerder al zwaar onder vuur omdat het erg veel geld kostte om deze mogelijkheid te behouden.
